Frida Kahlo: A Border Life

Frida Kahlo: A Border Life

Frida Kahlo werd in 1907 geboren vlakbij Mexico-Stad. Met een Duitse vader van Hongaars joodse afkomst, en een moeder die zowel Spaans als Zuid-Amerikaans bloed had, was Frida al jong beïnvloed door meerdere culturen. Frida krijgt een ernstig busongeluk als zij achttien jaar oud is. Dit ongeluk zal de rest van haar leven tekenen omdat ze altijd last blijven houden van de pijn en regelmatig geopereerd moet worden. Als Frida 22 jaar oud is trouwt zij met Diego Rivera, een bekende Mexicaanse communistische schilder. Vanwege een opdracht die Rivera in de Verenigde Staten krijgt, verhuist Frida in 1930 met haar man naar San Francisco. In de jaren die daar op volgen woont Frida ook in andere plekken binnen de VS, zoals New York en Detroit.

In 1939 gaat Kahlo naar Parijs. Ze heeft contact met de surrealisten André Breton en Marcel Duchamp. In een brief aan haar vriend Nicholas Muray schrijft Kahlo:

 “…I had to wait like an idiot till I met Marcel Duchamp (a marvelous painter) who is the only one who has his feet on the earth, among all this bunch of coocool lunatic – of the  Surrealists..They are so damn ‘intellectual’ and rotten that I can’t stand them anymore. It is really too much for my character – I rather sit on the floor in the market of Toluca and sell tortillas, than to have anything to do with those ‘artistic’ of Paris.”

Frida krijgt een verhouding met Amerikaanse beeldhouwer Isamu Noguchi, een serieuze liefdesaffaire met de Amerikaanse fotograaf Nickolas Muray, en heeft later ook intiem contact met de Russische Trotski. Daarnaast heeft Frida ook vluchtige affaires met vrouwen. Frida blijft tijdens haar leven heen en weer reizen tussen Mexico en Amerika vanwege haar werk, en een enkele keer ook om te ontsnappen aan haar gecompliceerde huwelijk met Diego Rivera. Ze ligt ook regelmatig in de ziekenhuizen van New York of San Francisco, als haar lichamelijke klachten weer opspelen. Frida is tijdens haar leven veel politiek betrokken. Zo is ze lid van de communistische partij van Mexico, en zet ze zich ook in bij demonstraties. Frida wordt 47 jaar oud. Ze sterft in haar eigen huis in Coyoácan, Mexico.

Frida begon serieus met schilderen toen ze ongeveer 19 jaar oud was. Ze is tijdens haar verblijven in het buitenland ook altijd blijven schilderen. Frida’s schilderijen staan altijd in direct verband met haar situatie op het moment van schilderen. Tijdens haar leven is de schilderstijl van Frida ook wel veranderd. Hier zal ik later verder op in gaan.

Wat maakt Kahlo en haar kunst in mijn optiek zo’n goed onderwerp in het licht van de interculturaliteit? Voordat ik daar antwoord op kan geven, wil ik eerst vaststellen wat het begrip ‘interculturaliteit’ inhoudt. Interculturaliteit gaat namelijk voorbij aan begrippen zoals multiculturaliteit of globalisering, en staat voor iets heel anders. ‘Inter’ betekent natuurlijk tussen, en zo kan het ook het beste uitgelegd worden: interculturaliteit is dát wat zich tussen culturen afspeelt; de tussenruimte tussen culturen. Daar speelt zich de interactie af en wordt iets nieuws gecreëerd. Dit kan zich op alle denkbare niveaus afspelen, en het kan zich uiten op de meest uiteenlopende manieren. Je kunt je natuurlijk richten op films of boeken, zoals we ook tijdens de cursus gedaan hebben. Muziek is ook een medium waar de interculturaliteit goed naar voren komt. Maar ik vind vooral de schilderkunst een heel mooi medium om te bestuderen in het licht van de interculturaliteit. Je kan de interculturaliteit namelijk met je eigen ogen aanschouwen. Het is tastbaarder dan in een boek. En omdat het een stil beeld is, kun je dieper op bepaalde aspecten ingaan. Bovendien hoef je geen Spaans te spreken om naar een schilderij van Kahlo te kunnen kijken. Spivak  vindt dat bij literatuur geldt, dat als je tot de kern van een cultuur wil komen, je de taal moet kunnen beheersen. Een boek in vertaling lezen is hierbij een probleem omdat de ware stem (of: de ware taal) van de schrijver niet naar boven komt. Spivak geeft dan ook kritiek op de dominantie van het Engels (Spivak, 9) In de schilderkunst speelt dit probleem niet. Iedereen die kan zien, kan dit schilderij zien, ongeacht vanuit welke cultuur deze persoon komt, of ongeacht welke taal deze persoon spreekt. Een schilderij hoeft niet vertaald te worden, en komt altijd recht uit de hand van de artiest.

Kahlo’s kunst vind ik interessant, omdat Kahlo bekend staat om haar Mexicaansheid. Haar kunst is daarom ook erg Mexicaans, maar toch is ze beïnvloed door haar verblijven in de VS en haar contacten met de Franse surrealisten. Dit kun je ook goed zien als je Kahlo’s eerste schilderijen vergelijkt met haar latere schilderijen. Het lijkt bij de schilderkunst dan alsof de interculturaliteit op een moment ‘gevangen’ wordt in een beeld. Op de schilderijen van Kahlo zal ik straks verder ingaan.

Kahlo is als persoon ook heel interessant om te bestuderen met interculturaliteit. Kahlo’s leven is een boek of een film op zich. Ze is een fenomeen. Frida was aan de ene kant een intellectuele Mexicaanse artieste die in het moderne Amerika woonde. Maar aan de andere kant werd Frida door de Amerikanen gezien als een vertegenwoordiger van het fascinerende Mexico. Frida kleedde zich erg traditioneel en kwam in het begin niet naar voren als intellectuele artieste. Ze was in feite het perfecte Mexicaanse poppetje voor de westerlingen, en later werd zij dan ook een mode-icoon. In Mexico viel Frida hoogstwaarschijnlijk op doordat ze juist on-Mexicaans was: ze maakte vele reizen, woonde regelmatig in de VS, had ouders met een gemixte achtergrond, en was vooruitstrevend in haar doen en laten. Maar buiten Mexico viel ze juist op door haar typisch Mexicaanse voorkomen. Ze werd aantrekkelijk doordat ze zo exotisch was, en kwam daardoor onder andere op de cover van de Vogue in Parijs. Frida werd buiten Mexico eigenlijk nooit lòs gezien van haar Mexicaanse achtergrond. Meestal droeg Frida de traditionele Mexicaanse jurken zoals men die droeg in het zuidwesten van Mexico: “Het paste helemaal binnen het groeiende nationale besef en de herbezinning op de Indiaanse cultuur,” schrijft Kettenman. Zij citeert ook Diego Rivera, de man van Frida. Hij zegt:

De klassieke Mexicaanse kleding werd gemaakt door eenvoudige mensen voor eenvoudige mensen. Mexicaanse vrouwen die haar niet willen dragen, horen niet bij dit volk, maar zijn geestelijk en gevoelsmatig afhankelijk van een andere klasse waarbij ze graag willen horen, namelijk de machtige Amerikaanse en Franse bureaucratie (26).

Doordat Kahlo zich dus juist in dit soort kleren vertoont, ook in het buitenland, geeft ze een signaal af: zij wil niét horen tot de Amerikaanse en Franse bureaucratie. Zij wil juist in het buitenland Mexico representeren. In de brief die ze aan Nicholas Muray schrijft vanuit Parijs, zegt ze dat ze liever tortilla’s verkoopt op de markt dan daar te zijn. Ze is heel erg pro-Mexicaans, maar toch is ze in Parijs bij de internationale intellectuelen, is ze in de VS met andere artiesten, en verkoopt ze geen tortilla’s op de markt van Toluca. Is Kahlo wel echt representatief voor Mexico?

Over representaties en cultuur heeft Homi Bhabha veel te zeggen. Homi Bhabha introduceert veel begrippen die in het licht van de interculturaliteit enorm belangrijk zijn. Voor Homi Bhabha  is de representatie van een cultuur problematisch. Door je in Mexicaanse kleding te vertonen ben je niet meteen Mexicaans. Er speelt ook bij Kahlo namelijk méér mee dan alleen het feit dat ze uit Mexico komt. Kahlo komt ook uit een bepaald milieu (ze heeft een multiculturele achtergrond), en gender speelt ook een rol. Bhabha vindt culturele identiteit ook een performance. Je kunt niet spreken van een prototype ‘Mexicaan’. Misschien was Frida in de VS wel ‘de Mexicaanse’, maar in feite is dit volgens Bhabha puur een performance. Met het begrip hybridititeit vraagt Bhabha zich ook af wat er gebeurt bij de ontmoeting van de kolonisator en gekoloniseerde. Ik kom hier later op terug met de behandeling van het schilderij van Kahlo.

Nu ik wat dieper ben ingegaan op de persoon Frida Kahlo, wil ik graag dieper ingaan op haar kunst en dan in het bijzonder het schilderij ‘Zelfportret op de Grens tussen de VS en Mexico’.

ARTS413049

Zoals ik al eerder schreef, begon Frida op haar 19e levensjaar ongeveer met schilderen. Ze schilderde in het begin voornamelijk portretten van anderen en van haar zelf. Bij Frida’s zelfportretten schilderde ze vaak dingen uit de Mexicaanse natuur, zoals oerwoudplanten, cactussen, of aapjes. Frida heeft ‘Zelfportret op de Grens tussen Mexico en de VS’ (Autorretrato en la frontera entre México y Estados Unidos, zie afbeelding 1, bijlage), geschilderd in de periode dat zij in de Verenigde Staten woonde, in 1932. Dit schilderij viel mij onmiddellijk op, omdat het lijkt af te wijken van andere schilderijen van Frida.

Op dit schilderij zien we Frida Kahlo zelf, gekleed in een zachtroze traditionele Mexicaanse jurk. Ze heeft een Mexicaans vlaggetje in haar ene hand en een sigaret in haar andere. Ze staat op een betonnen blok. Links van Frida zien we kleurrijke bloemen en planten waarvan we zelfs de wortels diep de aarde in zien gaan. De hele linkerkant van het schilderij is geschilderd met natuurlijke kleuren, waarvan de bruine kleur van aarde de primaire kleur is. Je ziet de zon, de maan, en de bliksem boven een oude Mexicaanse tempel. Dit is het Mexico van Frida, waar de natuur alle vrijheid heeft. Deze kant van het schilderij lijkt wel op eerdere werken van Frida, vooral door de kleuren die hier gebruikt worden, en de afgebeelde planten. De rechterkant van het schilderij is echter compleet anders, en daarom viel dit schilderij mij ook meteen op. Deze kant staat namelijk voor de VS. Hier zie je geen natuurlijke elementen, maar slechts wolkenkrabbers en machines. De kleuren lijken killer, en bovendien is alles veel abstracter. De Amerikaanse vlag schijnt door de rookpluimen heen die de stad vervuilen. Terwijl de wortels van de Mexicaanse planten aan de linkerkant de grond in gaan, gaan aan de rechterkant draadjes van nieuwe technische snufjes de grond in. Frida staat precies op deze grens van enerzijds natuur en anderzijds technologie. Ze lijkt ook op een grens te staan van verschillende schilderstijlen. Toen ik tijdens mijn onderzoek stuitte op plaatjes van Amerikaanse kunst van de jaren ’30 deed het me enorm denken aan de rechterkant van het schilderij van Frida. Het is natuurlijk geen toeval dat Frida deze manier van schilderen heeft overgenomen tijdens haar verblijf in Amerika.

In de jaren ’30 ontstaat er in Amerika een pro-Amerikaanse kunststroming.  Amerikaanse artiesten worden zich bewust van een nieuwe Amerikaanse identiteit die los staat van Europa. “(..) several artists had begun to paint industrial and urban scenes in ways that would capture their personal images of the United States.” (Baigell, 43). Dit kun je bij Kahlo’s schilderij meteen terugvinden. “The artists developed a hard-edged style in which spaces were flattened. Colors tended to be bright, fluent brushstrokes were replaced by impersonal surfaces, people rarely appeared and anecdotal subject matter was severely limited.” (Baigell, 44) Er kwam een stroom van kunst waarin de groei van de Amerikaanse industrie centraal stond. American Landscape van artiest Charles Sheeler (zie bijgevoegde afbeelding 2) is hier een goed voorbeeld van. Ook afbeelding 3  , Electrification van Ralston Crawford kan tot deze stroming gerekend worden. Het is duidelijk dat Kahlo geïnspireerd is door deze nieuwe vorm van kunst. Ze gebruikt een zelfde vlakke kleur voor de gebouwen, dezelfde imposante hoge gebouwen en rookpluimen. Zij schildert hier in feite haar eigen American landscape. Naast de hoge torens zien we door de rookpluimen een Amerikaanse vlag tevoorschijn komen. Ook hierbij moeten we denken aan de Pro-Amerikaansheid van de jaren ’30. En de Pro-Amerikaansheid betekende in de jaren ’30 ook: anti-Europees. (Baigell 43) De Amerikanen wilden laten zien dat zij een nieuwe vorm van kunst konden creëren en zetten zich tegen het ‘oude’ Europa af, dat op kunstgebied superieur was aan de VS. Daarom werd het symbool van de Amerikaanse vlag ook erg geliefd en was het verbonden met de Amerikaanse kunst in de jaren ’30.

Nu ga ik even terug naar de linkerkant van het schilderij. Deze kant heeft een compleet andere uitstraling dan de rechterkant. De kleuren zijn bijvoorbeeld anders gebruikt en de schilderstijl is anders. We zien hier onder andere een tempel, en linksonder staat een bruin figuurtje. Als je gaat kijken naar de oude kunst van Mexico staan dit soort afbeeldingen vaak centraal. Zie ook afbeeldingen 4 en 5.  Het is hierbij duidelijk dat Kahlo geïnspireerd is door de Mexicaanse kunst uit de oudheid. Maar toch is er iets meer dan dat. Het kleurgebruik is apart: het geheel is voornamelijk bruin/grijs, en opeens komen felle kleuren tussendoor, zoals bijvoorbeeld de zon of een van de bloemen. Het doet me denken aan surrealistische schilderijen zoals die van Dalí. (zie afbeeldingen 6 en 7)  In afbeelding 7, Het Voortduren van de Herinnering (1931) komt bijvoorbeeld ook bij een bruinig landschap opeens een felrode kleur naar voren, net als de zon bij Frida. Maar ook de zon en de maan komen mij bijvoorbeeld erg surrealistisch voor. Surrealistische aspecten vallen hier samen met aspecten uit de Mexicaanse kunst . Frida is zelf vaak in Parijs geweest, maar haar man, de kunstenaar Diego Rivera, is tijdens zijn verblijven in Parijs ook in contact gekomen met bekende kunstenaars. Dalí woonde zelf in die tijd ook in Parijs. Als je daarbij bedenkt dat Kahlo bevriend was met André Bréton, is het helemaal niet verwonderlijk dat zij beïnvloed is door het Franse surrealisme.

Kahlo gebruikt in dit schilderij dus de invloeden van zowel de Mexicaanse, Europese als Amerikaanse kunst. Ze heeft in dit schilderij zelf de Mexicaanse klederdracht aan, wat in die tijd wees op een verzet tegen de macht van de Amerikaanse bureaucratie. Frida voelde zich in Amerika niet op haar plek, en bij de surrealistische Europese beweging voelde zij zich ook niet op haar plek. Maar in dit schilderij creëert ze een eigen plek binnen zowel de Europese, Amerikaanse als Mexicaanse kunst. Dát is ook de interculturaliteit van dit stuk. Het is een nieuwe creatie die is voortgekomen uit de ontmoeting van drie verschillende kunstsoorten en drie verschillende culturen.

Hoewel Hamid Naficy zich in ‘Situating Accented Cinema’  op film richt, zijn er een paar aspecten die mij doen denken aan ‘Zelfportret op de Grens tussen Mexico en de VS’. Naficy beschrijft filmmakers die in het Westen zijn gaan wonen en vanuit daar hun films zijn gaan maken. Naficy beschrijft drie typen films: de exilische, diasporische en etnische. In plaats van een ‘exilic filmmaker’ wil ik Kahlo graag een ‘exilic artist’ noemen. De stijl van Kahlo is ook ‘accented’. Kahlo is een artiest die haar thuisland verlaten heeft, en er een ambivalente verhouding op na houdt met zowel Mexico als de VS. (“(..)who maintain an ambivalent relationship with their previous and current places and cultures.” 12) Naficy schrijft: “Freed from old and new, they are ‘deterritorialized’ yet they continue to be in the grip of both the old and the new, the before and the after.” Located in such a slipzone, they can be suffused with hybrid excess, or they may feel deeply deprived and divided, even fragmented. (12) ” Dit zie je in ‘Zelfportret op de Grens tussen Mexico en de VS’ heel goed terug: het hele schilderij is in tweeën gedeeld, precies zoals Kahlo zich waarschijnlijk gevoeld heeft. Ze lijkt in de ban te zijn van zowel Mexico als de VS. Op pagina 21 van dit artikel staat: “Accented films differ from other postmodern films because they usually posit the homeland as a grand and deeply rooted referent,(..).” Dit is in het geval van Kahlo letterlijk uitgebeeld: Mexico komt in dit geval duidelijk naar voren, met wortels en al. De hele stijl van dit schilderij, -een mengsel van invloeden en plaatsen, waarbij voor het thuisland een belangrijke rol is weggelegd,- komt voort uit het feit dat Frida een zogenaamde ‘exilic artist’ is.

Nu ik de stijl van dit schilderij heb toegelicht, wil ik meer ingaan op de achtergronden. Om dit schilderij beter te begrijpen is het namelijk ook van belang om de relatie tussen Mexico en de VS te begrijpen. Hoewel Mexico geen kolonie van de VS is geweest, heeft de relatie tussen Mexico en de VS wel iets weg van een postkoloniale relatie. Zo is Mexico in economisch opzicht afhankelijk van de VS.

Homi Bhabha is een belangrijk persoon in het postcoloniale discours: “Bhabha might have added ‘otherness’ (..), which remains a vexing problem: how to deal with real otherness, with the absolute ‘incommensurability of cultural values and priorities’ (439) that has often characterised colonial encounters?” (Hans Bertens 201)  Dit schilderij kan ook gezien worden al een ontmoeting tussen een gekoloniseerde met de kolonisator. Wat mij opvalt, is de manier waarop Kahlo zichzelf afbeeldt in dit schilderij. Kahlo heeft de traditionele Mexicaanse kleding aan, en ik schreef al eerder over dat deze kleding ook een verzet is tegen de bureaucratie van Amerika. Bovendien heeft Frida een Mexicaans vlaggetje in haar hand. Het is bijna altijd zo dat de gekoloniseerde door de kolonisator gestereotypeerd wordt. Maar dit werk is echter gemaakt door een Mexicaanse: Frida lijkt zichzelf hier als Mexicaanse te stereotyperen. Ze komt hierdoor echter niet naar voren als een ‘zwakkere’ gedekoloniseerde tegenover het sterke Amerika, maar juist als een sterke persoonlijkheid. Door zich te representeren zoals ze doet, verzet ze zich juist tegen het dominante Amerika. Door haar uiterlijk of imago zo on-Amerikaans mogelijk te laten, laat ze haar trots op haar thuisland zien. Dat brengt mij terug op het onderwerp van performance, wat ik al eerder aansneed.

Een belangrijk punt dat Bhabha maakt, is dat het begrip ‘cultuur’ een performance is. “Terms of cultural engagement, whether antagonistic or affiliative, are produced performatively. The representation of difference must not be hastily read as the reflection of pre-given ethnic or cultural traits set in the fixed table of tradition.” (Bhabha 2)  Dat cultuur een performance is, komt bij Kahlo ook naar voren. Zo gebruikt ze bijvoorbeeld de vlaggen van zowel Mexico als de VS in haar schilderij. Net als dat bij Judith Butler gender een performance is, is bij Bhabha cultuur een performance. Door een meisjesbaby roze kleren te geven, en een jongetje blauwe, wordt gender ons volgens Butler opgelegd. Op een soortgelijke manier geeft Kahlo zichzelf in haar zelfportret een Mexicaans vlaggetje in de hand, en laat ze de grote vlag van de VS achter haar prijken. Een vlag op zich is een performativiteit. In de Amerikaanse belofte van trouw zegt men bijvoorbeeld: “I pledge allegiance to the flag of the United States of America, and to the Republic for which it stands.” De vlag van Amerika staat voor het volk dus daadwerkelijk voor iets; de vlag belichaamt de cultuur voor hen. Men zegt vaak dat de vlag van Amerika voor vrijheid en gelijke rechten staat. Zo staat de vlag van Mexico voor de onafhankelijkheid na de koloniale overheersing door Spanje, en in dit schilderij staat het zeker ook voor onafhankelijkheid en eigenheid tegenover de VS. Door de vlag van Mexico in haar hand te houden, geeft Frida zichzelf een bepaalde culturele identiteit: zij creëert een Mexicaanse identiteit. Maar juist dit is problematisch. Bhabha citeert Renée Green: “Even then, it’s still a struggle for power between various groups within ethnic groups about what’s being said and who’s saying what, who’s representing who? What is a community anyway? What is a black community? What is a Latino community?” (3) En daarmee kun je je ook afvragen: Wat ís een Mexicaanse eigenlijk? Wie of wat representeert Kahlo eigenlijk in dit schilderij? Bhabha schrijft: “The move away from singularities of ‘class’ or ‘gender’ as primary conceptual and organisational categories, has resulted in an awareness of the subject positions  – of race, gender, generation, institutional location, geopolitical locale, sexual orientation – that inhabit any claim to identity  in the modern world.” (1) Kahlo is niet zomaar ‘een Mexicaanse’, ze is ook een vrouw, een communist, een kunstenares, een biseksueel, en nog veel meer. Ze valt niet in een hokje te plaatsen puur vanwege het feit dat ze zich profileert als een Mexicaanse. Het is slechts een onderdeel van een groter geheel.

Ik ben bekend geraakt met de term ‘in-between’, en vooral voor dit schilderij vond ik het goed toepasbaar. Bhabha vraagt zich af wat voor een cultuur voortkomt uit het feit dat minderheden zich in een in-between bevinden, en wat voor een effect dat op een cultuur heeft: een cultureel heden wordt beïnvloed door migranten die hun eigen invloeden meenemen. In-between bevindt zich tussen tijd en ruimte. Een cultuur wordt niet alleen bepaald door zijn historie of topografische plek: er is méér dan dat. En juist dát bevindt zich in die in-between. De borderlives waar Bhabha het over heeft, hebben niets te maken met werkelijke grenzen, maar met de grens met het heden, waar we volgens Bhabha op leven: “(…) living on the borderlines of the ‘present’(..)” (1) Hoewel de border lives en het in-between bij Bhabha natuurlijk figuurlijke begrippen zijn, komen ze in Kahlo’s schilderij heel letterlijk naar voren. Frida Kahlo staat in haar zelfportret ook écht op een grens; de grens tussen Mexico en de VS. Ze is als het ware even uit het heden gestapt en bevindt zich op een borderline. Frida Kahlo is in dit schilderij noch op een bepaalde plek, noch op een bepaalde tijd. Zowel Mexico als de VS liggen achter haar. Er komt duidelijk naar voren dat Kahlo beïnvloed is door beide landen. Toch staat ze in dit schilderij in geen van beide plekken. Het lijkt wel alsof ze overal even is uitgestapt, om een balans op te maken over haar identiteit. Juist omdat Kahlo zich in dit schilderij niet op een bepaalde plek of in een bepaalde tijd bevindt, en omdat ze zó duidelijk tussen twee culturen in zit, vind ik dat dit hele schilderij opgevat kan worden als een in-between.

Omdat Kahlo in dit schilderij zo’n Mexicaans voorkomen heeft, en de kracht van Mexico zo duidelijk naar voren komt, lijkt het alsof  het schilderij bijna een aanklacht tegen de VS is. Toch is dit niet zo. Het is niet voor niets dat Bhabha zich zo interesseert voor de ontmoeting tussen de gekoloniseerde en kolonisator: het is namelijk complex. Als je goed kijkt, zie je dat ook de elektriciteitsdraden van de lampen rechts van Kahlo de grond in gaan en verbonden zijn met het blok waar ze op staat. Kahlo is in dit schilderij zowel met Mexico als met de VS verbonden. Door de technologie en de hoge gebouwen af te beelden, wordt er ook een bepaalde bewondering voor de VS uitgedrukt. De nieuwe technologie wás natuurlijk ook indrukwekkend. Dankzij haar verblijf in de VS is Kahlo zich bewuster geworden van de Mexicaanse cultuur en haar eigen identiteit. Doordat Kahlo geconfronteerd is met andere kunststijlen en opvattingen, is ze tot een eigen stijl gekomen en heeft zo haar eigen plek kunnen creëren binnen de kunstwereld van de jaren ’30.

‘Zelfportret op de Grens tussen Mexico en de VS’ valt pas echt goed te begrijpen wanneer je dieper ingaat op de achtergrond van het schilderij, de stijl van het schilderij en dan de echte ‘inhoud’ of betekenis van het schilderij. Ik ben in dit essay op deze verschillende aspecten ingegaan, en heb zo een totaalbeeld van het schilderij kunnen creeën. Het is nu duidelijker waar welke invloeden vandaan komen, en wat er precies is ontstaan door de interactie tussen diverse culturen. Als Frida geen contact had gehad met de Franse surrealisten zou dit schilderij er anders uitgezien hebben. Als Frida niet in de VS geweest was, was dit schilderij nooit tot stand gekomen. Dat is ook waar Naficy over schrijft. De films van de ‘accented filmmakers’ zijn juist bijzonder of opvallender geworden omdat deze filmmakers niet in eigen land waren, doordat ze te maken kregen met een botsing, een samensmelting of kennismaking met verschillende culturen.

 

Literatuurlijst

•    Baigell, Matthew e.a. American art 1930-1970. Milaan: Fabbri, 1992

•    Bär, Natascha. Nieuw Handboek voor de Kunstgeschiedenis. De Bilt: Cantecleer, 1984.

•    Bertens, Hand. Literary Theory: The Basics. London: Routledge, 2001

•    Bradley, Fiona. Surrealisme. Stromingen in de Moderne Kunst. Londen: Tate Gallery, 1997

•    Bhabha, Homi K. ‘Introduction: Locations of Culture’. In: Bhabha, Homi K. The Location of Culture. London: Routledge, 1994, pp. 1-18

•    Hooks, Margaret. “Portraits of an Icon: Frida Kahlo”. Style Monte-Carlo:  18 (2003): 65-103

•    Fernández, Justino. Mexican Art. Londen: Spring Books, 1965.

•    Kettenman, Andrea. Kahlo. Köln: Taschen, 1999.

•    Naficy, Hamid. ‘Situating Accented Cinema’. In: Naficy, Hamid. An Accented Cinema:  Exilic and Diasporic Filmmaking. Princeton NJ: Princeton UP. 2001.

•    Spivak, Gayatri Chakravorty. Death of a Discipline. New York: Columbia University.

((Manya. FEB 2006, Amsterdam))

 

Print Friendly, PDF & Email

Tags: , , ,

Post a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Top